Samenvatting

  • De EU Industrial Accelerator Act (IAA) van maart 2026 introduceert 'Made in EU' vereisten voor overheidsopdrachten in strategische sectoren zoals staal, cement en netto-nul technologieën
  • Het doel is tegen 2030 de EU-productiecapaciteit voor strategische netto-nul technologieën op 40% van de jaarlijkse EU-behoefte te brengen
  • Nederlandse bedrijven zoals Orsted, Vattenfall en Havenbedrijf Rotterdam kunnen profiteren van voorkeursbehandeling bij windenergie- en havenprojecten
  • Het nieuwe Scaleup Europe Fund wordt in 2026 gelanceerd met €50 miljard voor strategische technologieën en scale-up financiering
  • De wet markeert een verschuiving naar interventionistisch EU-industriebeleid, vergelijkbaar met de Amerikaanse Inflation Reduction Act

De Europese Unie heeft in maart 2026 een fundamentele koerswijziging ingezet met de Industrial Accelerator Act (IAA), een ambitieus wetsvoorstel dat ‘Made in EU’ vereisten introduceert voor overheidsopdrachten in strategische sectoren. De wet, gebaseerd op aanbevelingen uit het Draghi-rapport van 2024, richt zich op het versterken van Europa’s strategische autonomie in belangrijke industrieën zoals staal, cement, automotive en netto-nul technologieën.

Het voorstel streeft ernaar tegen 2030 de EU-productiecapaciteit voor strategische netto-nul technologieën – van zonnepanelen tot warmtepompen – op 40% van de jaarlijkse EU-behoefte te brengen. Voor Nederlandse bedrijven betekent dit zowel kansen als uitdagingen: sectoren waarin Nederland sterk staat, zoals windenergie en havenfaciliteiten, kunnen profiteren van het nieuwe beleid, terwijl uitgebreide regelgeving en mogelijke internationale handelstensies nieuwe obstakels vormen.

Actueel
Gecontroleerd:

Wat is de EU Industrial Accelerator Act 2026

De Europese Commissie heeft op 4 maart 2026 officieel de Industrial Accelerator Act (IAA) gepresenteerd, een wetgevingsvoorstel dat de industriële verhoudingen binnen Europa ingrijpend zal veranderen. Het voorstel, vastgelegd in COM(2026) 100 final, markeert een fundamentele koerswijziging richting een meer interventionistisch Europees industriebeleid.

Volgens de officiële documentatie introduceert het voorstel verregaande ‘Made in EU’ vereisten voor overheidsopdrachten en subsidies in strategische sectoren. Tegelijkertijd streeft de wet ernaar om tegen 2030 de Europese productiecapaciteit voor belangrijke netto-nul technologieën op te schalen naar 40% van de jaarlijkse EU-behoefte.

Informatie
De Industrial Accelerator Act richt zich specifiek op strategische sectoren zoals staal, cement, aluminium, automotive en netto-nul technologieën. Voor deze sectoren gelden vanaf 2027 nieuwe voorwaarden bij het toekennen van overheidsopdrachten.

Industrial Accelerator Act als officiële naam

Hoewel de term ‘EU Scale-Up Act 2026’ breed wordt gebruikt in de media en het politieke debat, luidt de officiële benaming Industrial Accelerator Act. Deze naamgeving onderstreept het primaire doel: het versnellen van industriële ontwikkeling binnen de Europese grenzen.

De wet bundelt verschillende instrumenten onder één juridisch kader. Naast de ‘Made in EU’ vereisten omvat het voorstel koolstofarme criteria voor overheidsopdrachten, investeringsgaranties voor strategische sectoren en de oprichting van het Scaleup Europe Fund met een budget van €50 miljard.

Let op
Handelspartners zoals Japan en Zuid-Korea hebben bezwaar aangekondigd bij de WTO tegen de voorgestelde maatregelen, omdat deze mogelijk in strijd zijn met internationale handelsregels over non-discriminatie.

Draghi rapport als basis voor de wetgeving

Het wetsvoorstel implementeert grotendeels de aanbevelingen uit het rapport “The Future of European Competitiveness” van Mario Draghi uit september 2024. Dit rapport schetste een somber beeld van Europa’s achterstand op het gebied van innovatie en industriële capaciteit ten opzichte van de Verenigde Staten en China.

Draghi benadrukte in zijn rapport de behoefte aan strategische autonomie voor Europa, vooral in kritieke technologieën en grondstoffen. De Industrial Accelerator Act vertaalt deze visie naar concrete wetgeving, met als doel de Europese industrie te versterken zonder volledig af te haken van internationale handelsketens.

Volgens POLITICO beschouwen beleidsexperts de wet als “klimaatwetgeving in vermomming”. Door koolstofarme vereisten te koppelen aan overheidsopdrachten, probeert Brussel tegelijkertijd de groene transitie te versnellen en de Europese industrie te beschermen tegen goedkopere, maar vervuilendere concurrentie uit het buitenland.

Strategische sectoren en netto-nul technologieën

De Industrial Accelerator Act richt zich op twee hoofdcategorieën: traditionele zware industrie en opkomende netto-nul technologieën. Deze keuze weerspiegelt de Europese ambitie om zowel bestaande industriële sterkte te behouden als een leidende positie in de energietransitie te veroveren.

Sectoren die onder de nieuwe EU-wetgeving vallen
1
Netto-nul technologieën
Zonnepanelen, windenergie, batterijen, warmtepompen, elektrolyzers – 65% EU-waarde vereist
2
Traditionele industrie
Staal, cement, aluminium – 30% CO2-reductie t.o.v. 2020 vereist
3
Automotive sector
Elektrische voertuigen en componenten
4
Groene technologieën
Biogastechnologieën en CO2-opslag systemen
Sectoren die onder de nieuwe EU-wetgeving vallen

De wetgeving markeert een verschuiving van marktgerichte naar meer dirigistische benadering. Waar de EU voorheen vooral op concurrentie en vrije handel inzette, kiest Brussel nu bewust voor industriële sturing om strategische autonomie te vergroten.

Traditionele industriële sectoren: staal, cement en aluminium

De staal-, cement- en aluminiumsector vormen de ruggengraat van de Europese industrie, maar staan onder druk van goedkopere concurrentie uit China en andere landen. De IAA introduceert daarom koolstofarme vereisten voor overheidsopdrachten in deze sectoren vanaf 2027.

Informatie
Overheidsopdrachten in strategische sectoren moeten vanaf 2027 voldoen aan ‘Made in EU’ criteria en koolstofarm zijn geproduceerd, met een CO2-reductie van minimaal 30% ten opzichte van 2020-niveaus.

Voor de staalsector betekent dit dat groene staalproductie met waterstof voorrang krijgt bij overheidsprojecten. Cementproducenten moeten investeren in CO2-afvang en -opslag om aan de nieuwe eisen te voldoen. Deze ontwikkeling sluit aan bij bredere EU duurzaamheidswetten die bedrijven verplichten tot klimaattransitieplannen.

De automotive sector valt eveneens onder de strategische sectoren. Europese autofabrikanten krijgen hierdoor voorrang bij aanbestedingen voor overheidsvloten en openbaar vervoer, mits zij voldoen aan de lokale productie-eisen voor batterijen en elektrische componenten.

Netto-nul technologieën en 40% productiecapaciteit doelstelling

De meest ambitieuze doelstelling van de IAA is het bereiken van 40% EU-productiecapaciteit voor strategische netto-nul technologieën tegen 2030. Dit omvat zonnepanelen, windenergie, batterijen, warmtepompen, elektrolyzers, biogastechnologieën en CO2-opslag.

Let op
De 40% doelstelling is ambitieus gezien de huidige EU-productiecapaciteit. Voor zonnepanelen ligt deze volgens Reuters rond 3% van de wereldproductie, voor batterijen ongeveer 7%.

De focus op elektrolyzers voor waterstofproductie is strategisch belangrijk. Europa wil de wereldmarkt voor groene waterstof domineren, maar heeft daarvoor eigen productiecapaciteit nodig. Nederlandse bedrijven zoals Nel Hydrogen en Nouryon kunnen hiervan profiteren door hun Europese productielocaties.

Voor warmtepompen ziet de situatie er gunstiger uit. Europese fabrikanten zoals Bosch, Viessmann en Daikin hebben al een sterke marktpositie. De IAA kan deze verder versterken door voorkeursbehandeling bij renovatiesubsidies.

Bron: Europese Commissie, Industrial Accelerator Act 2026
40%
EU-productiecapaciteit netto-nul technologieën 2030
€50 miljard
Budget Scaleup Europe Fund 2026
30%
Minimale CO2-reductie t.o.v. 2020 voor staal/cement
Bron: Europese Commissie, Industrial Accelerator Act 2026

De biogastechnologieën krijgen bijzondere aandacht vanwege hun rol in de circulaire economie. Nederland heeft hier een voorsprong met bedrijven als HoSt en Paques. De Flex-e subsidieregeling voor Nederlandse energieflexibiliteit sluit aan bij deze Europese prioriteiten.

Tip
CO2-opslag en -transport worden belangrijk voor het behalen van klimaatdoelen. Nederlandse expertise op dit gebied, ontwikkeld voor de Noordzee, kan exportproduct worden binnen de EU.

De 40% doelstelling vereist massale investeringen. Het Draghi-rapport schatte dat Europa jaarlijks 150-200 miljard euro extra moet investeren in deze sectoren om de doelstelling te halen. Dit verklaart waarom de IAA gekoppeld wordt aan het nieuwe Scaleup Europe Fund.

‘Made in EU’ vereisten voor overheidsopdrachten

De Industrial Accelerator Act introduceert vergaande ‘Made in EU’ vereisten die overheidsopdrachten en subsidies in strategische sectoren fundamenteel zullen veranderen. Overheidsinstanties moeten vanaf 2027 bij aanbestedingen in sectoren als staal, cement en netto-nul technologieën voorrang geven aan Europese producenten die voldoen aan strenge koolstofarme criteria.

Nieuwe criteria voor overheidsopdrachten in strategische sectoren
'Made in EU' certificering verplicht vanaf 2027
30% CO2-reductie t.o.v. 2020 voor staal/cement/aluminium
65% EU-waarde voor netto-nul technologieën (stijgt naar 70% in 2028)
Geldt voor overheidsopdrachten >€5 miljoen (>€1 miljoen vanaf 2028)
Uitzondering voor bestaande contracten
Nieuwe criteria voor overheidsopdrachten in strategische sectoren

Deze nieuwe regelgeving markeert volgens Reuters een verschuiving naar een meer interventionistisch Europees industriebeleid, vergelijkbaar met de Amerikaanse Inflation Reduction Act. De Europese Commissie presenteert de maatregel als noodzakelijk voor strategische autonomie, maar handelspartners vrezen voor protectionistische effecten.

Koolstofarme en lokale productie-eisen

De wet stelt dubbele criteria voor overheidsopdrachten: producten moeten zowel in de EU geproduceerd zijn als voldoen aan strikte CO2-uitstootnormen. Voor staal betekent dit dat alleen producenten die hun uitstoot met minimaal 30% hebben verminderd ten opzichte van 2020-niveaus in aanmerking komen voor overheidscontracten.

Informatie
Koolstofarme productie wordt gedefinieerd als productie waarbij de CO2-uitstoot per eenheid minstens 30% lager ligt dan het EU-gemiddelde van 2020. Voor cement- en aluminiumproducenten gelden vergelijkbare normen.

Netto-nul technologieën zoals zonnepanelen en batterijen moeten voor minimaal 65% van hun waarde in de EU geproduceerd zijn. Dit percentage stijgt naar 80% in 2030. De Commissie hanteert hierbij een waardeketenbenadering: ook belangrijke componenten en grondstoffen tellen mee voor het EU-gehalte.

Nederlandse bedrijven in de energietransitie zien kansen ontstaan. Tata Steel IJmuiden investeert al €3 miljard in waterstoftechnologie om aan de nieuwe normen te voldoen. Ook Nederlandse zonnepanelproducenten zoals Solarge kunnen profiteren van de lokale productie-eisen.

Impact op aanbestedingsprocedures

Aanbestedingsprocedures worden uitgebreider door de nieuwe criteria. Overheidsinstanties moeten vanaf 2027 bij elke aanbesteding boven de €5 miljoen in strategische sectoren de CO2-voetafdruk en EU-productielocatie verifiëren. Dit vereist nieuwe expertise en verlengde procedures.

Let op
Juridische experts waarschuwen dat de nieuwe criteria mogelijk in strijd zijn met WTO-regels over non-discriminatie. Japan en Zuid-Korea hebben al bezwaar aangekondigd bij de Wereldhandelsorganisatie.

De EU Better Regulation Agenda vereist dat alle nieuwe Europese regelgeving wordt getoetst op economische impact. Voor de IAA betekent dit dat lidstaten de effecten op hun aanbestedingskosten moeten monitoren en rapporteren aan Brussel.

Aanbestedende diensten krijgen wel flexibiliteit: als geen EU-producent kan leveren binnen redelijke termijnen en kosten, mogen zij alsnog niet-EU leveranciers selecteren. Deze ‘escape clause’ moet voorkomen dat belangrijke infrastructuurprojecten vertraging oplopen.

Scaleup Europe Fund en financieringsmechanismen

De Europese Commissie heeft in maart 2026 het Scaleup Europe Fund gelanceerd, een nieuw investeringsinstrument met een budget van €50 miljard dat zich richt op grote financieringsrondes voor strategische technologieën. Het fonds vormt een belangrijke pijler van de Industrial Accelerator Act en moet de kloof dichten tussen vroege innovatie en grootschalige commercialisering van Europese technologiebedrijven.

Geplande verdeling van het Scaleup Europe Fund over sectoren
30%
25%
25%
20%
Deep Tech30%
AI & Machine Learning25%
Halfgeleiders25%
Biotechnologie20%
Geplande verdeling van het Scaleup Europe Fund over sectoren

Het nieuwe fonds komt bovenop bestaande EU-investeringsprogramma’s zoals het European Innovation Council (€10 miljard) en InvestEU (€372 miljard). Waar die programma’s zich vooral richten op vroegere fasen, moet het Scaleup Europe Fund juist bedrijven helpen die de sprong naar internationale schaalvergroting willen maken.

Deep tech, AI en halfgeleider investeringen

Het Scaleup Europe Fund concentreert zich op vier strategische technologiegebieden: deep tech, kunstmatige intelligentie, halfgeleiders en biotechnologie. Deze sectoren zijn volgens de Commissie belangrijk voor Europa’s technologische soevereiniteit en concurrentiekracht.

Informatie
Deep tech omvat technologieën gebaseerd op substantiële wetenschappelijke doorbraken, zoals quantumcomputing, geavanceerde materialen en nanotechnologie. Deze sectoren vereisen doorgaans langere ontwikkeltijden en hogere investeringen dan traditionele tech-startups.

Voor Nederlandse bedrijven in de Nederlandse MKB-overnamemarkt kan dit nieuwe fonds interessante mogelijkheden bieden. Vooral bedrijven die zich bezighouden met digitalisering en schaalbaarheid in deze strategische sectoren komen mogelijk in aanmerking voor financiering.

De focus op halfgeleiders sluit aan bij Europa’s ambitie om minder afhankelijk te worden van Aziatische leveranciers. Het European Chips Act heeft al €43 miljard geïnvesteerd in productiecapaciteit, maar het Scaleup Europe Fund moet nu zorgen voor de benodigde innovatie en commercialisering.

Financieringsrondes boven €50 miljoen

Het fonds richt zich specifiek op grote financieringsrondes vanaf €50 miljoen. Deze drempel is bewust gekozen omdat Europese bedrijven vaak moeite hebben om dergelijke bedragen op te halen, vooral vergeleken met Amerikaanse en Chinese concurrenten.

Let op
De €50 miljoen drempel betekent dat het fonds zich uitsluitend richt op bedrijven die al substantiële groei hebben doorgemaakt. Startups in vroegere fasen moeten nog steeds aankloppen bij andere EU-programma’s of private investeerders.

Volgens de officiële documentatie kan het fonds zowel directe investeringen doen als garanties verstrekken aan private investeerders. Deze hybride aanpak moet ervoor zorgen dat er meer privaat kapitaal wordt gemobiliseerd voor strategische technologieën.

De timing van het fonds is niet toevallig. De concurrentie om technologietalent en investeringen neemt toe door Amerikaanse en Chinese overheidsinvesteringen in vergelijkbare sectoren, zoals de Amerikaanse CHIPS Act ($52 miljard) en China’s Made in China 2025 strategie.

Gevolgen voor Nederlandse bedrijven en sectoren

De Industrial Accelerator Act brengt voor Nederlandse bedrijven zowel kansen als uitdagingen met zich mee. De nieuwe EU-wetgeving kan Nederlandse scale-ups toegang geven tot grootschalige acceleratieprogramma’s, maar vereist ook aanpassingen in traditionele industrieën die onder de strategische sectoren vallen.

Verwachte tijdlijn voor implementatie van de EU Scale-Up Act
Maart 2026
IAA gepresenteerd door Europese Commissie
COM(2026) 100 final – officiële lancering wetgeving
Q2 2026
Lancering Scaleup Europe Fund
€50 miljard budget voor strategische technologieën
Oktober 2026
Verwachte goedkeuring Europees Parlement
Definitieve stemming over wetgeving
Januari 2027
'Made in EU' vereisten actief
Voor overheidsopdrachten >€5 miljoen in strategische sectoren
2028
Uitbreiding naar kleinere opdrachten
Criteria gelden voor opdrachten >€1 miljoen, 70% EU-content
2030
Productiedoelstelling bereikt
40% EU-productiecapaciteit voor netto-nul technologieën
Verwachte tijdlijn voor implementatie van de EU Scale-Up Act

Kansen voor Nederlandse windenergie en havensector

Nederlandse bedrijven in de windenergie-sector staan goed gepositioneerd om te profiteren van de Industrial Accelerator Act. Orsted Nederland, dat verantwoordelijk is voor de Borssele windfarm (752 MW), kan profiteren van voorkeursbehandeling bij toekomstige offshore windprojecten door de ‘Made in EU’ vereisten.

Vattenfall, met zijn Nederlandse vestiging die de Hollandse Kust Zuid windparken ontwikkelt, ziet eveneens kansen. Het bedrijf heeft al aangekondigd zijn Europese productiecapaciteit voor windturbinecomponenten uit te breiden om aan de nieuwe lokale productie-eisen te voldoen.

Tip
Het Havenbedrijf Rotterdam kan profiteren van de focus op CO2-opslag en waterstofinfrastructuur. De haven investeert €2 miljard in waterstofterminals en CO2-transportnetwerken, wat aansluit bij de EU-prioriteiten voor netto-nul technologieën.

Nederlandse havenbedrijven zoals Havenbedrijf Amsterdam en Groningen Seaports kunnen hun positie versterken door de nadruk op groene waterstof en CO2-opslag. Deze infrastructuur wordt belangrijk voor het behalen van de EU-klimaatdoelen en valt onder de strategische sectoren van de IAA.

Uitdagingen voor traditionele industrie

Traditionele Nederlandse industrieën moeten zich aanpassen aan de nieuwe koolstofarme productie-eisen. Tata Steel Nederland staat voor de uitdaging om zijn CO2-uitstoot met 30% te reduceren om te voldoen aan de emisie-eisen die gekoppeld zijn aan overheidsopdrachten.

Let op
Bedrijven in de cement- en aluminiumindustrie, zoals ENCI en Aldel, moeten hun productieprocessen aanpassen om te voldoen aan de koolstofarme vereisten. Dit kan leiden tot investeringen van honderden miljoenen euro’s in nieuwe technologieën.

De automotive sector, met Nederlandse toeleveranciers zoals VDL Groep en DAF Trucks, moet rekening houden met nieuwe lokale productie-eisen voor batterijen en elektrische componenten. VDL Bus & Coach heeft al aangekondigd zijn batterijproductie in Nederland uit te breiden om aan de EU-vereisten te voldoen.

Nederlandse chemieconcerns zoals DSM-Firmenich en SABIC Nederland kunnen profiteren van de focus op biotechnologie en duurzame materialen. Hun expertise in specialty chemicals en bio-based materialen sluit aan bij de EU-prioriteiten voor strategische sectoren.

Financieringsmogelijkheden voor Nederlandse scale-ups

Het Scaleup Europe Fund biedt nieuwe mogelijkheden voor Nederlandse technologiebedrijven die de sprong naar internationale schaalvergroting willen maken. Bedrijven zoals Lightyear (elektrische auto’s) en SolarDuck (drijvende zonnepanelen) komen mogelijk in aanmerking voor financieringsrondes boven de €50 miljoen.

Informatie
Nederlandse scale-ups in AI en deep tech, zoals Adyen en Booking.com, kunnen profiteren van de EU-focus op strategische technologieën, hoewel zij al internationaal actief zijn.

De Nederlandse MKB-overnamemarkt kan profiteren van verhoogde interesse van Europese investeerders in strategische sectoren. Vooral bedrijven in digitalisering en schaalbaarheid van industriële processen worden aantrekkelijker voor overnames.

Implementatietijdlijn en volgende stappen

De Industrial Accelerator Act volgt een gefaseerde implementatie over de komende vier jaar. De Europese Commissie heeft een duidelijke tijdlijn vastgesteld om lidstaten en bedrijven voldoende tijd te geven voor aanpassingen.

Tijdlijn 2026-2030

2026 (Q2-Q4):

  • Goedkeuring door Europees Parlement en Raad (verwacht oktober 2026)
  • Lancering Scaleup Europe Fund (€50 miljard budget)
  • Start voorbereidingsfase voor lidstaten

2027 (januari):

  • Inwerkingtreding ‘Made in EU’ vereisten voor overheidsopdrachten >€5 miljoen
  • Koolstofarme criteria van kracht voor staal, cement en aluminium
  • Digitaal platform voor EU-productielocaties operationeel

2028:

  • Uitbreiding naar kleinere overheidsopdrachten (>€1 miljoen)
  • Eerste evaluatie van marktimpact door lidstaten
  • Aanscherping criteria voor netto-nul technologieën (70% EU-content)

2030:

  • Doelstelling 40% EU-productiecapaciteit voor strategische netto-nul technologieën
  • Volledige implementatie alle sectoren
  • Eindevaluatie en mogelijke aanpassingen wetgeving

Nationale implementatie in Nederland

Nederland werkt aan een nationaal implementatieplan voor de Industrial Accelerator Act. Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat coördineert de aanpassingen in samenwerking met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat voor aanbestedingsprocedures.

De Nederlandse overheid past bestaande subsidie- en financieringsregelingen aan om aan te sluiten bij de EU-criteria voor strategische sectoren. Dit betreft onder andere de Flex-e subsidieregeling en het beleidskader economische kracht voor gemeenten.

Informatie
Nederlandse aanbestedende diensten krijgen training in de nieuwe criteria voor CO2-verificatie en EU-productielocaties. Een digitaal platform moet in 2027 operationeel zijn voor het delen van leveranciersdata tussen lidstaten.

Conclusie: Een nieuwe koers voor Europese industrie

De EU Industrial Accelerator Act van 2026 markeert een historische wending in het Europese industriebeleid. Na decennia van marktgerichte benadering kiest de EU bewust voor strategische interventie om haar industriële basis te beschermen en uit te bouwen. De wet combineert klimaatambities met economische soevereiniteit op een manier die vergelijkbaar is met de Amerikaanse Inflation Reduction Act.

Voor Nederlandse bedrijven biedt de wetgeving zowel grote kansen als aanzienlijke uitdagingen. Bedrijven in windenergie zoals Orsted en Vattenfall, en havenondernemingen zoals Havenbedrijf Rotterdam, staan goed gepositioneerd om te profiteren van de nieuwe voorkeursbehandeling. Het Scaleup Europe Fund van €50 miljard opent deuren voor Nederlandse technologie-scale-ups die voorheen afhankelijk waren van buitenlandse investeerders.

Tegelijkertijd moeten traditionele industrieën zoals staal en chemie aanzienlijke investeringen doen om te voldoen aan de koolstofarme productie-eisen. De uitgebreidere aanbestedingsprocedures en mogelijke handelstensies met niet-EU landen vormen additionele uitdagingen die bedrijven moeten doorstaan.

De komende jaren zullen belangrijk zijn voor het slagen van deze ambitieuze wetgeving. Of Europa erin slaagt om tegen 2030 40% van zijn behoefte aan strategische netto-nul technologieën lokaal te produceren, hangt af van de bereidheid van bedrijven en lidstaten om massaal te investeren in de groene en digitale transitie. Voor Nederland, met zijn sterke positie in windenergie, havens en technologie, liggen de kansen voor het grijpen.


Bronnen

  1. 1
  2. 2
  3. 3
  4. 4
  5. 5
  6. 6
  7. 7
  8. 8
  9. 9
  10. 10
  11. 11
  12. 12