Subsidieregeling schoolveiligheid 2026: aanvraagprocedure en financiële voorwaarden
Subsidieregeling schoolveiligheid 2026: €835 miljoen beschikbaar voor primair en voortgezet onderwijs. Basisbudget €50.000 per school. Lees de aanvraagproc
Samenvatting
- De subsidieregeling schoolveiligheid 2026 verdeelt naar verwachting ruim €835 miljoen over primair en voortgezet onderwijs voor veiligheidsmaatregelen
- Reguliere scholen ontvangen een basisbudget van naar verwachting rond €50.000, ongeacht schoolgrootte, met mogelijke aanvullende middelen
- Het primair onderwijs krijgt het grootste deel toegewezen (€480 miljoen), het voortgezet onderwijs ontvangt €289 miljoen
- Aanvragen kunnen vanaf maart 2026 worden ingediend, met een digitale procedure via de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
- De regeling richt zich op zowel fysieke als sociale veiligheid, na jaarlijks 31.000 schoolongevallen die tot ziekenhuisbezoek leiden
De subsidieregeling schoolveiligheid 2026 stelt naar verwachting ruim €835 miljoen beschikbaar voor veiligheidsverbeteringen op Nederlandse scholen. Het grootste deel van dit budget gaat naar het primair onderwijs (€480 miljoen), gevolgd door het voortgezet onderwijs (€289 miljoen). Deze verdeling weerspiegelt de 19.000 respectievelijk 12.000 jaarlijkse ziekenhuisbezoeken na schoolongevallen in beide sectoren, volgens cijfers van de Rijksoverheid.
Scholen kunnen vanaf maart 2026 subsidie aanvragen voor maatregelen die zowel fysieke als sociale veiligheid verbeteren. Het basisbudget ligt naar verwachting rond €50.000 per reguliere school, ongeacht de schoolgrootte. Deze gelijke verdeling betekent dat kleinere scholen relatief meer middelen per leerling ontvangen dan grote onderwijsinstellingen.
Beschikbare budgetten per onderwijssector
Het kabinet trekt voor de periode 2025-2028 in totaal €835,9 miljoen uit voor de Subsidieregeling School en Omgeving. Dit budget is bedoeld om de veiligheid op scholen structureel te verbeteren en past binnen de nieuwe structurele dekking van overheidsuitgaven die vanaf 2026 verplicht wordt. De verdeling over de onderwijssectoren toont een duidelijke prioritering van het primair onderwijs.
Primair onderwijs: €479,9 miljoen beschikbaar
Voor het primair onderwijs is €479,9 miljoen gereserveerd binnen de subsidieregeling schoolveiligheid 2026. Dit bedrag is exclusief speciaal onderwijs en vormt het grootste deel van het totaalbudget. De focus op deze sector is gebaseerd op de cijfers: jaarlijks lopen naar verwachting 19.000 leerlingen in het primair onderwijs letsel op school, wat leidt tot SEH-bezoeken.
Het budget voor primair onderwijs wordt verdeeld over verschillende veiligheidsprogramma’s. Scholen kunnen naast het basisbudget aanvullende middelen aanvragen voor specifieke projecten zoals:
- Speelplaatsveiligheid (veilige speeltoestellen, zachte ondergrond)
- Verkeersveiligheid rond de school (verkeerslichten, zebrapaden)
- Sociale veiligheidsmaatregelen (anti-pestprogramma’s, toezicht)
- Gebouwveiligheid (brandveiligheid, toegangscontrole)
Voortgezet onderwijs: €289,2 miljoen beschikbaar
Het voortgezet onderwijs ontvangt €289,2 miljoen uit de subsidieregeling schoolveiligheid 2026. Dit budget geldt niet voor praktijkonderwijs, dat onder een aparte regeling valt. Hoewel het bedrag lager ligt dan voor het primair onderwijs, is ook hier sprake van een substantiële investering in schoolveiligheid.
In het voortgezet onderwijs lopen jaarlijks naar verwachting 12.000 kinderen letsel op school. Het budget wordt ingezet voor zowel fysieke veiligheidsmaatregelen als programma’s gericht op sociale veiligheid en pesten. Concrete voorbeelden van subsidiabele maatregelen zijn:
- Camerasystemen en toegangscontrole
- Verbetering van verlichting en zichtlijnen
- Training van docenten in conflicthantering
- Programma’s tegen cyberpesten
- Veilige fietsenstallingen
Basisbudget van €50.000 per school
Alle reguliere scholen ontvangen vanaf 2026 een basisbudget van naar verwachting rond €50.000, ongeacht de schoolgrootte. Dit betekent dat zowel kleine dorpsscholen als grote stedelijke instellingen hetzelfde startbedrag krijgen voor basisveiligheidsmaatregelen.
Naast dit basisbudget kunnen scholen aanvullende subsidies aanvragen voor uitgebreidere projecten. Voor specifieke programma’s zoals Ontwikkelkracht is in 2026 apart €25 miljoen beschikbaar. Deze aanvullende budgetten variëren afhankelijk van de aard en omvang van het veiligheidsproject.
Aanvraagprocedure en belangrijke deadlines
Schoolbesturen kunnen vanaf 2026 subsidie aanvragen via de overheidsportalen. De aanvraagprocedure verloopt gefaseerd, met specifieke deadlines en een unieke bijstellingsmogelijkheid in maart 2026. Het proces is ontworpen om schoolbesturen flexibiliteit te bieden bij het inschatten van hun veiligheidsbehoefte.
Stappen in het aanvraagproces
De aanvraag verloopt via het DUO-portaal voor schoolbesturen. Besturen moeten eerst hun geschiktheid aantonen door aan te geven welke onderwijssoort zij verzorgen en hoeveel leerlingen zij bedienen. Het systeem controleert automatisch of de school valt onder de regelingen voor primair of voortgezet onderwijs.
Na de initiële registratie vullen besturen hun concrete veiligheidsbehoefte in. Dit omvat het aantal klokuren begeleiding dat zij verwachten nodig te hebben en een onderbouwing van hun veiligheidsrisico’s. De aanvraag moet worden voorzien van een risicoanalyse waarin de school aantoont waarom extra veiligheidsmiddelen nodig zijn.
De verwerkingstijd bedraagt doorgaans zes tot acht weken na indiening. Schoolbesturen ontvangen een schriftelijke beschikking waarin het toegekende bedrag en de voorwaarden worden vermeld. Bij afwijzing krijgen besturen de mogelijkheid tot bezwaar binnen zes weken.
Bijstellingsmogelijkheid maart 2026
Een bijzondere eigenschap van de subsidieregeling schoolveiligheid 2026 is de eenmalige bijstellingsmogelijkheid in maart 2026. Schoolbesturen kunnen dan het aantal aangevraagde klokuren of het aantal leerlingen naar boven bijstellen als blijkt dat hun oorspronkelijke inschatting te laag was.
Deze bijstelling is bedoeld voor scholen die tijdens het schooljaar merken dat hun veiligheidsbehoefte groter is dan verwacht. Het kan gaan om scholen die te maken krijgen met onvoorziene incidenten of waar het aantal leerlingen onverwacht is gestegen. De bijstelling moet wel worden onderbouwd met concrete gegevens over de gewijzigde omstandigheden.
Schoolbesturen hebben voor deze bijstelling een beperkte periode van twee weken in maart 2026. De exacte data worden begin 2026 bekendgemaakt via de gebruikelijke communicatiekanalen van DUO en het ministerie van Onderwijs.
Vereiste documentatie en criteria
Voor een succesvolle aanvraag moeten schoolbesturen verschillende documenten aanleveren. De basisvereisten omvatten een actuele risicoanalyse van de schoolomgeving, een overzicht van het huidige aantal leerlingen en een onderbouwing van de benodigde veiligheidsmaatregelen.
Primaire scholen moeten aantonen dat zij vallen onder het reguliere basisonderwijs en niet onder het speciaal onderwijs. Voor voortgezet onderwijs geldt dat praktijkonderwijs is uitgesloten van deze regeling. Scholen moeten hun onderwijssoort kunnen aantonen met officiële documenten van DUO.
De geschiktheidscriteria verschillen per onderwijstype. Alle aanvragers moeten kunnen aantonen dat zij een erkende onderwijsinstelling zijn met een geldig BRIN-nummer. Daarnaast moeten zij voldoen aan de reguliere administratieve verplichtingen en niet in surseance of faillissement verkeren.
De documentatie moet in het Nederlands worden aangeleverd en voldoen aan de standaard eisen voor subsidieaanvragen bij het Rijk. Incomplete aanvragen worden niet in behandeling genomen en moeten opnieuw worden ingediend, wat vertraging kan opleveren in de toekenning van middelen.
Verschillen tussen primair en voortgezet onderwijs
De subsidieregeling schoolveiligheid 2026 hanteert verschillende criteria en bedragen per onderwijssector. Deze differentiatie weerspiegelt de specifieke veiligheidsuitdagingen en organisatiestructuren binnen het Nederlandse onderwijslandschap. De sectorale benadering wordt geacht effectiever te zijn dan een uniforme regeling voor alle schooltypen.
Specifieke voorwaarden primair onderwijs
Voor het primair onderwijs is naar verwachting €479,9 miljoen beschikbaar, exclusief speciaal onderwijs. Deze uitsluiting betekent dat scholen voor speciaal basisonderwijs geen aanspraak kunnen maken op dit specifieke budget. Primaire scholen ontvangen het standaard basisbudget van €50.000, ongeacht hun grootte.
De veiligheidseisen voor het primair onderwijs richten zich voornamelijk op fysieke veiligheid en preventie van ongevallen. Met jaarlijks naar schatting 19.000 leerlingen die op school gewond lopen en een SEH-bezoek nodig hebben, ligt de nadruk op speelplaatsveiligheid en gebouwonderhoud. Scholen moeten aantonen dat de subsidie wordt ingezet voor concrete veiligheidsverbeteringen die deze cijfers kunnen terugdringen.
De rapportageverplichtingen voor het primair onderwijs zijn aangepast aan de beperktere administratieve capaciteit van deze scholen. Verantwoording gebeurt via vereenvoudigde formulieren, waarbij de focus ligt op meetbare veiligheidsresultaten in plaats van uitgebreide procesbeschrijvingen.
Voorwaarden voortgezet onderwijs (exclusief praktijkonderwijs)
Het voortgezet onderwijs kan aanspraak maken op €289,2 miljoen, waarbij praktijkonderwijs expliciet is uitgesloten van deze regeling. Deze beperking betekent dat vmbo-scholen met praktijkonderwijs een aparte aanvraagprocedure moeten volgen of mogelijk helemaal geen subsidie ontvangen.
Voor het voortgezet onderwijs gelden strengere criteria dan voor het primair onderwijs. Scholen moeten aantonen dat zij zowel fysieke als sociale veiligheidsmaatregelen implementeren. Met naar schatting 12.000 gewonde leerlingen per jaar ligt de nadruk op een bredere veiligheidsbenadering, inclusief pesten, cyberpesten en mentale gezondheid.
De subsidieaanvragen voor het voortgezet onderwijs worden strenger beoordeeld op hun integrale veiligheidsbenadering. Scholen moeten concrete plannen presenteren voor zowel preventie als nazorg bij veiligheidsincidenten. Deze dubbele focus maakt de aanvraagprocedure uitgebreider dan bij het primair onderwijs.
Net als bij andere onderwijssectoren gelden voor het voortgezet onderwijs specifieke veiligheidsregels kinderopvang wat betreft de meldplicht van ernstige incidenten en rapportageverplichtingen.
Speciaal onderwijs en uitzonderingen
Speciaal onderwijs neemt een bijzondere positie in binnen de subsidieregeling schoolveiligheid 2026. Scholen voor speciaal basisonderwijs vallen niet onder het primair onderwijs budget van €479,9 miljoen. Voor deze scholen geldt naar verwachting een aparte regeling met aangepaste criteria die rekening houden met de specifieke behoeften van hun leerlingenpopulatie.
Praktijkonderwijs binnen het voortgezet onderwijs vormt een tweede uitzondering. Deze scholen kunnen geen gebruik maken van het reguliere voortgezet onderwijs budget, maar moeten waarschijnlijk een aangepaste aanvraagprocedure volgen. De reden voor deze uitsluiting ligt in de specifieke veiligheidsrisico’s die gepaard gaan met praktijkgerichte vakken en werkplaatsen.
Voor beide uitzonderingsgroepen geldt dat de definitieve regelingen nog niet volledig zijn uitgewerkt. Scholen in deze categorieën wordt geadviseerd contact op te nemen met de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland voor actuele informatie over hun subsidiemogelijkheden.
Financiële voorwaarden en verantwoording
Scholen die subsidie ontvangen uit de Subsidieregeling School en Omgeving 2025-2028 moeten zich houden aan strikte financiële voorwaarden. De verantwoording van de bestede middelen vormt een belangrijk onderdeel van de regeling, waarbij onjuist gebruik kan leiden tot terugbetalingsverplichtingen.
Subsidiabele kosten en uitgaven
De subsidie kan naar verwachting worden ingezet voor een breed pakket aan veiligheidsmaatregelen. Subsidiabele kosten omvatten doorgaans personele uitgaven voor veiligheidspersoneel, aanschaf van beveiligingsapparatuur en -systemen, en fysieke aanpassingen aan schoolgebouwen ter verbetering van de veiligheid.
Concrete voorbeelden van subsidiabele uitgaven zijn:
- Salarissen voor conciërges en toezichthouders
- Camera- en alarmsystemen
- Toegangscontrole en hekwerk
- Verbouwingen voor betere zichtlijnen op het schoolplein
- Veilige speeltoestellen en ondergrond
- Verlichting van donkere hoeken en gangen
- Anti-slip maatregelen op trappen en gangen
- Veiligheidstrainingen voor personeel en leerlingen
Niet-subsidiabele kosten zijn meestal algemene bedrijfsvoering, bestaande personeelskosten die niet specifiek voor veiligheid worden ingezet, en investeringen die al gepland waren voor de subsidieaanvraag. De nieuwe veiligheidseisen die vanaf 2026 gelden, kunnen wel aanleiding geven tot subsidiabele aanpassingen.
Rapportage- en verantwoordingsplicht
Subsidieontvangers moeten periodiek rapporteren over de besteding van de ontvangen middelen. De rapportagefrequentie ligt naar verwachting op jaarbasis, met een uitgebreide eindrapportage na afloop van de subsidieperiode.
De financiële verantwoording vereist doorgaans een accountantsverklaring bij subsidies boven een bepaald bedrag. Voor het basisbudget van €50.000 dat reguliere scholen ontvangen, kan een vereenvoudigde verantwoordingsprocedure gelden. Grotere subsidies vereisen meestal een uitgebreide accountantscontrole.
Scholen moeten aantonen dat de bestede middelen daadwerkelijk hebben bijgedragen aan de verbetering van de schoolveiligheid. Dit kan door middel van rapportages over incidenten, evaluaties van geïmplementeerde maatregelen, en concrete resultaten zoals verminderde ongelukken.
Terugbetalingsverplichtingen bij niet-naleving
Onjuist gebruik van subsidiegelden kan leiden tot terugbetalingsverplichtingen. Dit geldt bijvoorbeeld wanneer middelen worden besteed aan niet-subsidiabele doelen, of wanneer de verantwoordingsplicht niet wordt nagekomen.
De sancties kunnen oplopen van gedeeltelijke terugbetaling tot volledige terugvordering van de subsidie, afhankelijk van de ernst van de overtreding. Bij opzettelijk misbruik kunnen aanvullende financiële gevolgen en vergoedingen van toepassing zijn.
De controle op de besteding gebeurt zowel tijdens de subsidieperiode als achteraf. Scholen kunnen worden geselecteerd voor steekproefsgewijze controles, waarbij de volledige financiële administratie wordt onderzocht. Bij geconstateerde tekortkomingen geldt meestal een hersteltermijn voordat sancties worden opgelegd.
Veelgestelde vragen over schoolveiligheidssubsidie
De subsidieregeling schoolveiligheid 2026 roept bij veel onderwijsinstellingen praktische vragen op over bedragen, procedures en geschiktheid. Hieronder beantwoorden we de meest gestelde vragen over de regeling die vanaf 2026 van kracht wordt.
Veelgestelde vragen
Hoeveel subsidie kan mijn basisschool maximaal ontvangen?
Verschilt het subsidiebedrag tussen kleine en grote scholen in het voortgezet onderwijs?
Kan ik mijn aanvraag nog bijstellen na indiening?
Wanneer moet ik mijn subsidieaanvraag indienen?
Komen internationale scholen ook in aanmerking voor subsidie?
Wat gebeurt er als ik de subsidie niet volledig besteed?
Kan speciaal onderwijs ook aanspraak maken op de €50.000 basissubsidie?
Hoe lang duurt de behandeling van mijn aanvraag?
Moet ik als school zelf een eigen bijdrage leveren?
Wat als mijn school te maken heeft met specifieke veiligheidsproblemen in de omgeving?
Conclusie
De subsidieregeling schoolveiligheid 2026 vormt een substantiële investering van €835,9 miljoen in de veiligheid van Nederlandse onderwijsinstellingen. Met een basisbudget van €50.000 per reguliere school en aanvullende mogelijkheden voor specifieke veiligheidsprojecten, biedt de regeling scholen concrete middelen om hun veiligheidsrisico’s aan te pakken.
De verdeling van het budget – met €480 miljoen voor het primair onderwijs en €289 miljoen voor het voortgezet onderwijs – weerspiegelt de verschillende veiligheidsuitdagingen per sector. Terwijl het primair onderwijs zich vooral richt op fysieke veiligheid en ongevallenpreventie, heeft het voortgezet onderwijs een bredere focus die ook sociale veiligheid en mentale gezondheid omvat.
Voor schoolbesturen is het van belang om tijdig te starten met de voorbereiding van hun aanvraag. Het verzamelen van de benodigde documentatie, het opstellen van een risicoanalyse en het maken van een concreet besteedingsplan zijn noodzakelijke stappen voor een succesvolle subsidieaanvraag. De bijstellingsmogelijkheid in maart 2026 biedt extra flexibiliteit, maar vereist wel zorgvuldige monitoring van de veiligheidsbehoefte gedurende het schooljaar.
De subsidieregeling schoolveiligheid 2026 biedt Nederlandse scholen een unieke kans om structureel te investeren in een veiligere leeromgeving voor alle leerlingen. Met de juiste voorbereiding en uitvoering kunnen deze middelen een blijvende impact hebben op de veiligheid in het Nederlandse onderwijs.
Bronnen
- 1Subsidie Schoolveiligheid Onderwijsrijksoverheid.nl
- 2Subsidieregeling School en Omgeving 2025–2028 – BWBR0050794wetten.overheid.nl
- 3Subsidieregeling voortgezet onderwijs Den Haag 2024 | Lokale wetlokaleregelgeving.overheid.nl
- 4[PDF] ONDERSTEUNINGS- PLANswvadam.nl
- 5
- 63.2 Artikel 3. Voortgezet onderwijs | Ministerie van Financiënrijksfinancien.nl
- 7
- 8[PDF] STAATSCOURANT – Officiële bekendmakingenofficielebekendmakingen.nl
- 9
- 10De zorgplicht van scholenvmbo-bwi.nl
- 11Calamiteiten – Stichting School & Veiligheidschoolenveiligheid.nl
- 12De lijkschouw en sectie beschouwdcris.maastrichtuniversity.nl