EU Better Regulation Agenda 2025: hoe Brussel evidence-based wetgeving wil doorvoeren
Hoe de EU Better Regulation Agenda 2025 evidence-based wetgeving doorvoert. Impact assessments, REFIT-programma en gevolgen voor Nederland uitgelegd.
Samenvatting
- De EU Better Regulation Agenda 2025 beoogt wetgeving evidence-based te maken door versterkte impact assessments en de 'one-in-one-out' regel voor nieuwe regelgeving
- In december 2025 presenteerde de Commissie concrete maatregelen om milieuwetgeving te vereenvoudigen op gebieden van industriële emissies en circulaire economie
- Nederland ondersteunt de agenda voorzichtig, maar benadrukt behoud van nationale autonomie bij implementatie van EU-richtlijnen
- Het Regulatory Scrutiny Board krijgt naar verwachting meer bevoegdheden om wetsvoorstellen kritisch te beoordelen voordat ze het Europees Parlement bereiken
- Experts zijn sceptisch over de politieke haalbaarheid, gezien eerdere Better Regulation initiatieven beperkte concrete resultaten opleverden
De Europese Commissie zet in 2025 in op een fundamentele herziening van hoe wetgeving tot stand komt. De EU Better Regulation Agenda 2025 moet ervoor zorgen dat nieuwe regelgeving gebaseerd wordt op gedegen bewijs en impact assessments, terwijl bestaande wetgeving wordt getoetst op effectiviteit. In december 2025 presenteerde Brussel al concrete maatregelen om milieuwetgeving te vereenvoudigen.
Voor Nederland, waar naar schatting meer dan de helft van alle wetgeving voortkomt uit EU-beleid, betekent dit mogelijk minder bureaucratische lasten voor bedrijven. Tegelijkertijd waarschuwen experts dat eerdere Better Regulation initiatieven vaak beperkte resultaten opleverden door politieke weerstand en sectorale belangen.
Wat is de EU Better Regulation Agenda 2025
De EU Better Regulation Agenda 2025 markeert een belangrijke wending in hoe Brussel wetgeving ontwikkelt en implementeert. Na jaren van kritiek op bureaucratische lasten heeft de Europese Commissie in juli 2025 een Call for Evidence gelanceerd, gevolgd door een concreet pakket maatregelen in december. Het doel: milieuwetgeving vereenvoudigen en administratieve lasten verminderen zonder de kerndoelstellingen uit het oog te verliezen.
Voor Nederland heeft dit initiatief bijzondere betekenis. Meer dan de helft van de Nederlandse wetten is het gevolg van Europees beleid, waardoor de EU feitelijk fungeert als de vierde bestuurslaag van Nederland. Elke vereenvoudiging in Brussel heeft daarom directe gevolgen voor Nederlandse bedrijven, overheden en burgers.
Ontstaan en ontwikkeling sinds de jaren 2000
Better Regulation ontstond in de vroege jaren 2000 niet in Brussel, maar als binnenlandse beleidsprioriteit in het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Nederland en Denemarken. Deze lidstaten richtten eigen Better Regulation agencies op om de kwaliteit van nationale wetgeving te verbeteren en administratieve lasten te verminderen.
De Europese Commissie nam deze nationale ervaringen over en ontwikkelde geleidelijk een eigen Better Regulation-aanpak. Elke wetgevingsinitiatieven moet sinds enkele jaren vergezeld gaan van een hoogwaardige regulatoire impactbeoordeling, geverifieerd door de Regulatory Scrutiny Board. Dit onafhankelijke orgaan toetst of voorgestelde wetgeving voldoende onderbouwd is met bewijs en of alternatieven adequaat zijn onderzocht.
Het momentum voor hervorming versnelde na de val van het kabinet-Rutte IV en de vorming van nieuwe Europese coalities. Kritiek op ingewikkelde implementatie van Europese Green Deal wetgeving en andere ambitieuze programma’s dwong Brussel tot heroverweging van de regulatoire aanpak.
Doelstellingen voor concurrentievermogen Europa
Eenvoudigere, lichtere en snellere EU-regulering wordt door beleidsmakers beschouwd als een van de belangrijkste enablers van Europa’s concurrentievermogen. De agenda richt zich op drie kerngebieden: vermindering van administratieve lasten, verbetering van wetgevingskwaliteit en versnelling van besluitvorming.
De Commissie overweegt structurele veranderingen in het wetgevingsproces. Een belangrijke overweging is het vaker gebruik van ‘Regulations’ in plaats van ‘Directives’ om gold-plating door lidstaten te verminderen. Regulations zijn direct van toepassing in alle lidstaten, terwijl Directives ruimte laten voor nationale interpretatie – vaak resulterend in strengere nationale regels dan Brussel bedoelde.
Voor Nederlandse bedrijven betekent dit potentieel minder ingewikkeldheid bij grensoverschrijdende activiteiten. Uniforme Europese regels elimineren de behoefte om 27 verschillende nationale implementaties te doorgronden. Tegelijkertijd verliest Nederland de mogelijkheid om Europese regels aan te passen aan nationale omstandigheden – een afweging die politiek gevoelig ligt.
Evidence-based wetgeving: van impact assessment tot implementatie
De kern van de Better Regulation Agenda 2025 ligt in een fundamentele verschuiving naar evidence-based wetgeving. Elke nieuwe wetgevingsinitiatieven moet voortaan vergezeld gaan van een hoogwaardige regulatoire impactbeoordeling, geverifieerd door onafhankelijke toezichthouders. Deze aanpak markeert een breuk met het verleden, waarin beleidsmakers vaak op intuïtie en politieke overwegingen vertrouwden.
De nieuwe methodiek vereist dat beleidsmakers concrete data verzamelen over de verwachte kosten, baten en maatschappelijke effecten van voorgestelde regelgeving. Experts verwachten dat deze systematische benadering leidt tot meer proportionele en voorspelbare wetgeving, waarbij de administratieve lasten voor bedrijven en burgers aanzienlijk kunnen dalen.
Regulatory Scrutiny Board als onafhankelijke toezichthouder
Het Regulatory Scrutiny Board (RSB) fungeert sinds 2015 als onafhankelijke waakhond van de Europese Commissie. Deze instelling beoordeelt alle impact assessments voordat wetgevingsvoorstellen worden gepubliceerd. Het Board bestaat uit drie fulltime leden en wordt ondersteund door een team van ongeveer 15 analisten.
De werkwijze van het Board is rigoureus. Elk voorstel wordt getoetst op methodologische kwaliteit, proportionaliteit en consistentie met bestaande regelgeving. Het Board kijkt specifiek naar de kwaliteit van de onderliggende data, de realistische inschatting van kosten en baten, en de mate waarin alternatieven zijn onderzocht.
Nederlandse beleidsmakers kennen vergelijkbare processen van de eigen Adviescollege toetsing regeldruk (ATR). De evidence-based evaluatie van zorgbeleid toont aan hoe grondige beleidsevaluatie kan leiden tot effectievere en minder belastende regelgeving.
Hoogwaardige regulatoire impactbeoordelingen
De nieuwe standaarden voor impact assessments gaan verder dan traditionele kosten-batenanalyses. Beleidsmakers moeten voortaan ook de cumulatieve effecten van regelgeving in kaart brengen, inclusief de wisselwerking tussen verschillende wetten en verordeningen.
Een hoogwaardige impactbeoordeling bevat minimaal vijf elementen: een probleemdefinitiie gebaseerd op concrete data, een analyse van verschillende beleidsopties, een kwantificering van kosten en baten, een beoordeling van de proportionaliteit, en een monitoring- en evaluatieplan voor na implementatie.
De praktijk wijst uit dat deze systematische benadering leidt tot betere wetgeving. Voorstellen die een grondige impactbeoordeling hebben ondergaan, blijken in de praktijk minder vaak te worden aangepast of ingetrokken na implementatie.
Proportionele en voorspelbare regelgeving
Het proportionaliteitsbeginsel staat centraal in de nieuwe aanpak. Regelgeving moet in verhouding staan tot het probleem dat wordt aangepakt. Dit betekent dat kleine risico’s niet met zware regelgeving worden bestreden, en dat de kosten van naleving niet onevenredig hoog zijn ten opzichte van de maatschappelijke baten.
De AI Act geldt als schoolvoorbeeld van deze nieuwe aanpak. De verordening hanteert een risicogebaseerde benadering waarbij de zwaarte van de eisen afhangt van het risicoprofiel van de AI-toepassing. Systemen met een laag risico krijgen minimale eisen, terwijl high-risk toepassingen uitgebreide verplichtingen hebben.
Voorspelbaarheid wordt gewaarborgd door duidelijke tijdlijnen voor beleidsherzieningen en consistente toepassing van beoordelingscriteria. De Commissie heeft toegezegd dat alle nieuwe regelgeving wordt voorzien van een ‘regulatory calendar’ waarin toekomstige wijzigingen worden aangekondigd.
Deze systematische benadering heeft al geleid tot merkbare verbeteringen. Volgens de meest recente cijfers van de Commissie is de gemiddelde tijd voor het doorlopen van wetgevingsprocedures met 15% afgenomen sinds de invoering van de verscherpte impact assessment procedures in 2024.
REFIT-programma en one-in-one-out regel
Het REFIT-programma (Regulatory Fitness and Performance Programme) vormt de ruggengraat van de EU’s inspanningen om bestaande wetgeving te evalueren en te vereenvoudigen. Tegelijkertijd introduceert de one-in-one-out regel een mechanisme om nieuwe regelgeving te compenseren met het afschaffen van bestaande regels. Deze dubbele aanpak moet de regeldruk voor bedrijven en burgers verminderen zonder de beschermingsniveaus aan te tasten.
Regulatory fitness checks voor bestaande wetgeving
Het REFIT-programma onderwerpt bestaande EU-wetgeving aan systematische evaluaties om te beoordelen of regels nog steeds effectief, efficiënt en relevant zijn. Deze ‘fitness checks’ analyseren clusters van gerelateerde wetgeving om overlappingen en inconsistenties te identificeren.
In juli 2025 lanceerde de Commissie een Call for Evidence specifiek gericht op het vereenvoudigen van milieuwetgeving. Dit initiatief richtte zich op het verminderen van administratieve lasten zonder de milieubeschermingsnormen te verzwakken. De respons uit het bedrijfsleven en lidstaten was volgens waarnemers substantieel, wat de urgentie van het probleem onderstreept.
In december 2025 presenteerde de Commissie concrete maatregelen voor vereenvoudiging op vier kerngebieden: industriële emissies, circulaire economie, milieubeoordelingen en geospatiale data. Deze aanpak toont aan hoe REFIT-evaluaties kunnen leiden tot praktische hervormingen.
One-in-one-out principe voor nieuwe regelgeving
De one-in-one-out regel vereist dat elke nieuwe regulatoire verplichting wordt gecompenseerd door het afschaffen van een bestaande regel met vergelijkbare administratieve kosten. Dit principe moet voorkomen dat de totale regeldruk blijft groeien, ook wanneer nieuwe uitdagingen om wetgeving vragen.
Het mechanisme werkt door nalevingskosten te kwantificeren bij elke nieuwe wetgevingsinitiatieven. Wanneer een voorstel significante kosten met zich meebrengt, moet de Commissie gelijktijdig identificeren welke bestaande regels kunnen worden afgeschaft of vereenvoudigd. Deze benadering vereist een grondige analyse van de regulatoire voorraad.
Voor Nederlandse ondernemers betekent dit principe meer voorspelbaarheid over de ontwikkeling van regeldruk. Proportionele en voorspelbare regels zijn belangrijk voor bedrijfsplanning, vooral voor het MKB dat minder middelen heeft om ingewikkelde compliance-eisen te doorgronden. De hervorming borgstellingsregeling illustreert hoe aangescherpte voorwaarden kredietverlening kunnen samengaan met vereenvoudigde procedures.
Concrete reductiedoelstellingen nalevingskosten
Tegen 2025 zou de EU concrete reductiedoelstellingen voor nalevingskosten moeten introduceren, een ambitie die nu vorm krijgt door de recente initiatieven. Deze doelstellingen moeten meetbaar en tijdgebonden zijn, zodat de voortgang kan worden gemonitord.
De Nederlandse aanpak van regeldrukvermindering voor het MKB biedt een model voor hoe concrete doelstellingen kunnen worden geformuleerd. Het voorstel om 500 regels onder het mes te nemen toont de schaal van vereenvoudiging die mogelijk is.
De kwantificering van nalevingskosten blijft echter ingewikkeld. Verschillende sectoren ervaren regelgeving anders, en wat voor grote ondernemingen een beheersbare last is, kan voor het MKB disproportioneel zwaar zijn. De Commissie ontwikkelt daarom gedifferentieerde benaderingen die rekening houden met bedrijfsgrootte en sector-specifieke omstandigheden.
Het succes van deze reductiedoelstellingen hangt af van de bereidheid van lidstaten om mee te werken aan vereenvoudiging. Nationale implementatie van EU-wetgeving biedt vaak ruimte voor verdere stroomlijning, mits de politieke wil aanwezig is om bestaande procedures te herzien.
Gold-plating voorkomen: van Directives naar Regulations
Een van de meest concrete uitdagingen van de Better Regulation Agenda 2025 is het tegengaan van ‘gold-plating’ – het fenomeen waarbij lidstaten extra eisen toevoegen bij de implementatie van Europese richtlijnen. De Europese Commissie overweegt daarom een fundamentele verschuiving in haar wetgevingsaanpak: meer gebruik van Regulations in plaats van Directives.
Probleem van nationale uitbreiding EU-regels
Gold-plating ontstaat wanneer lidstaten EU-richtlijnen implementeren met aanvullende nationale eisen die verder gaan dan wat Brussel voorschrijft. Dit leidt tot ongelijke concurrentievoorwaarden binnen de interne markt en verhoogt de nalevingskosten voor bedrijven die in meerdere lidstaten actief zijn.
Het probleem is niet nieuw. Better Regulation agencies zijn al opgericht in Denemarken, Duitsland, Nederland, Zweden en het Verenigd Koninkrijk om dit fenomeen tegen te gaan. Deze nationale instanties controleren of nieuwe wetgeving proportioneel is en geen onnodige administratieve lasten creëert.
In Nederland houdt het Adviescollege toetsing regeldruk (ATR) toezicht op nieuwe regelgeving. Toch blijft gold-plating een hardnekkig probleem, vooral bij ingewikkelde richtlijnen die ruimte laten voor nationale interpretatie.
Voorkeur voor Regulations boven Directives
De Commissie overweegt daarom een strategische verschuiving naar meer gebruik van Regulations. Deze Europese verordeningen zijn direct van toepassing in alle lidstaten, zonder nationale implementatiewetgeving. Hierdoor wordt gold-plating structureel voorkomen.
Deze verschuiving past bij de bredere vereenvoudigingsagenda. In december 2025 presenteerde de Commissie een pakket maatregelen om milieuwetgeving te vereenvoudigen op gebieden van industriële emissies, circulaire economie en milieubeoordelingen. Dit pakket volgt op de Call for Evidence die in juli 2025 werd gelanceerd.
De keuze voor Regulations heeft echter ook nadelen. Lidstaten verliezen flexibiliteit om EU-regels aan te passen aan nationale omstandigheden. Dit kan leiden tot weerstand, vooral bij gevoelige onderwerpen waar nationale implementatie van EU-verdragen politiek gevoelig ligt.
De komende jaren zal blijken of deze verschuiving daadwerkelijk tot minder bureaucratie leidt, of dat lidstaten andere wegen vinden om nationale voorkeuren door te voeren in Europese wetgeving.
Gevolgen voor Nederland en Nederlandse wetgeving
Nederland behoort tot de pioniers van de Better Regulation beweging in Europa. Sinds de vroege jaren 2000 ontwikkelde het land, samen met het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Denemarken, een systematische aanpak voor het verminderen van administratieve lasten en het verbeteren van regelgevingskwaliteit. Deze voorsprong positioneert Nederland gunstig voor de implementatie van de EU Better Regulation Agenda 2025.
De Nederlandse ervaring met Better Regulation principes strekt zich uit over meer dan twee decennia. Experts verwachten dat deze ervaring Nederland helpt bij het effectief benutten van de nieuwe EU-initiatieven, vooral nu meer dan de helft van de Nederlandse wetgeving voortvloeit uit Europees beleid.
Implementatie Better Regulation principes
De Nederlandse Better Regulation agency werkt nauw samen met EU-initiatieven om de implementatie van nieuwe wetgeving te stroomlijnen. Deze samenwerking wordt belangrijk bij ingewikkelde regelgeving zoals de Digital Services Act, waar nationale implementatie aanzienlijke administratieve lasten kan genereren voor Nederlandse bedrijven.
De Nederlandse aanpak kenmerkt zich door systematische impact assessments en regelmatige evaluatie van bestaande regelgeving. Dit sluit aan bij de EU-eis dat elke wetgevingsinitiatief vergezeld moet gaan van een hoogwaardige regulatoire impactbeoordeling, geverifieerd door de Regulatory Scrutiny Board.
Samenwerking met Nederlandse Better Regulation agency
De Nederlandse Better Regulation agency coördineert actief met Brussel om gold-plating te voorkomen en administratieve lasten te minimaliseren. Deze samenwerking krijgt extra betekenis nu de Commissie overweegt vaker Regulations in plaats van Directives te gebruiken, wat nationale uitbreidingen van EU-regels beperkt.
De agency werkt samen met de Nederlandse fiscale beleidsagenda om ervoor te zorgen dat ook fiscale hervormingen aansluiten bij Better Regulation principes. Deze geïntegreerde aanpak helpt bij het realiseren van concrete reductiedoelstellingen voor nalevingskosten, die de EU naar verwachting tegen 2025 wil introduceren.
Nederlandse bedrijven en burgers profiteren direct van deze samenwerking. De vereenvoudiging van milieuwetgeving, zoals aangekondigd in het december 2025 pakket van de Commissie, vermindert administratieve lasten op gebieden van industriële emissies en circulaire economie – sectoren waarin Nederland economisch sterk vertegenwoordigd is.
Bronnen
- 1
- 2Better Regulation_Encommission.europa.eu
- 3How Eu Policy Decided_Eneuropean-union.europa.eu
- 4[PDF] The ‘Plateau-ing’ of the European Better Regulation Agendagspp.berkeley.edu
- 5
- 6
- 7
- 8
- 9
- 10Better Regulation – Environment – European Commissionenvironment.ec.europa.eu
- 11[PDF] Better regulation in the new EU legislature – BusinessEuropebusinesseurope.eu
- 12Better Regulation and the EU’s Artificial Intelligence Actintereconomics.eu